Belastingschijven 2027: 36,23% en 38,16% voorgesteld, toptarief blijft 49,50%
Op Prinsjesdag publiceerde het kabinet het Belastingplan 2027. Volgens de fiscale sleuteltabel die daarbij hoort, is box 1 in 2027 onder de AOW-leeftijd 36,23% tot € 39.247, 38,16% tot € 78.426 en 49,50% daarboven, met een algemene heffingskorting van maximaal € 3.154 en een arbeidskorting van maximaal € 5.929. Dat zijn voorstellen: beide Kamers moeten nog akkoord gaan. Op 29 september paste het kabinet dat aan: het toptarief begint volgens het nieuwe voorstel bij € 80.578 in plaats van € 78.426, en de arbeidskorting stijgt minder.

In één oogopslag
Gecontroleerd met Rijksoverheid en Belastingdienst · bekijk bronnen en vindplaatsen ↓- Wat is nieuw?
- Sinds 15 september 2026 ligt het Belastingplan 2027 bij de Tweede Kamer. Volgens de fiscale sleuteltabel die daarbij hoort, is box 1 in 2027 onder de AOW-leeftijd 36,23% tot € 39.247, 38,16% tot € 78.426 en 49,50% daarboven. Dat is een voorstel.
- Wat betekent dit?
- De schijven en heffingskortingen voor 2027 zijn voorgesteld, nog niet aangenomen.
- Wat kun je doen?
- Tot 1 januari gelden de bedragen voor 2026. De voorgestelde bedragen voor 2027 worden pas definitief als beide Kamers akkoord gaan.
- Wanneer weer kijken?
- Stemmingen · vorig jaar eind november en half december
Meer kernpunten
- De algemene heffingskorting wordt volgens dezelfde tabel maximaal € 3.154 en de arbeidskorting maximaal € 5.929. In 2026 is dat € 3.115 en € 5.685.
- Op 29 september paste het kabinet het voorstel aan. Het toptarief van 49,50% begint dan bij € 80.578 in plaats van € 78.426. De arbeidskorting gaat er € 133 op vooruit in plaats van € 173, en wordt volgens een rekensom van Dagpeil maximaal ongeveer € 5.889.
- Al aangenomen voor 2027: de zelfstandigenaftrek van € 900. De voorgestelde tarieven en kortingen zijn pas definitief als beide Kamers akkoord gaan.
Dagpeil schrijft en bewerkt teksten met AI. Niet iedere publicatie wordt vóór publicatie door een mens nagelezen. Caslon Media is verantwoordelijk voor Dagpeil. Belangrijke beweringen linken naar de bron. Zo werken we
Keuzehulp
Welke bedragen heb je nu nodig?
Kies wat je wilt weten. De keuze wordt niet opgeslagen.
Kies één antwoord om de uitkomst te zien.
Tot 1 januari gelden de bedragen voor 2026. De voorgestelde bedragen voor 2027 worden pas definitief als beide Kamers akkoord gaan.
Naslag
Wat geldt, wat is aangenomen, wat is voorgesteld en wat is nog onbekend
Geldt: de ingangsdatum is voorbij. Aangenomen: beide Kamers hebben de wet aangenomen, maar hij gaat pas later in. Voorstel: ingediend, maar nog niet door beide Kamers aangenomen.
- 2026 · box 1: 35,75% · 37,56% · 49,50% · geldtOnder de AOW-leeftijd; grenzen € 38.883 en € 78.426.
- 2026 · algemene heffingskorting max. € 3.115 · geldtWordt kleiner boven € 29.736; vanaf € 78.427 krijg je geen algemene heffingskorting meer.
- 2026 · arbeidskorting max. € 5.685 · geldtMaximum bij € 45.592 arbeidsinkomen; vanaf € 132.921 krijg je geen arbeidskorting meer.
- 2027 · zelfstandigenaftrek € 900 · aangenomenIn 2026 € 1.200. Als je aan het urencriterium voldoet en de AOW-leeftijd nog niet hebt.
- 2027 · tarieftabel in de wettekst: 8,01% en 37,59% · aangenomenPercentage inkomstenbelasting in de eerste schijf en tarief in de tweede schijf. Het Belastingplan 2027 stelt hogere tarieven voor: 36,23% (inclusief premies) en 38,16%.
- 2027 · vrijheidsbijdrage: 48% van de inflatiecorrectie · voorstelZonder de maatregel zou de inflatiecorrectie 2,6% zijn; voorgesteld is 1,248% (wetsvoorstel Belastingplan 2027).
- 2027 · box 1: 36,23% · 38,16% · 49,50% · voorstelOnder de AOW-leeftijd; grenzen € 39.247 en € 78.426, volgens de kabinetsbrief van 29 september € 80.578. Algemene heffingskorting max. € 3.154, arbeidskorting max. € 5.929, met de brief ongeveer € 5.889.
- Sinds 15 september 2026 · Belastingplan 2027 · voorstelDaarna moeten beide Kamers nog akkoord gaan.
Heb je je antwoord?
Lees hierna: Prinsjesdag 2026: wat verandert er in 2027 voor jou? Alle plannen op een rij
Alle plannen van Prinsjesdag 2026 voor huishoudens op een rij.
Wat veranderde op 29 september?
Twee weken na Prinsjesdag stuurde het kabinet een brief naar de Tweede Kamer met aanvullende voorstellen over box 3, koopkracht en sociale zekerheid. Voor box 1 staan er twee wijzigingen in.
Het toptarief van 49,50% begint volgens het nieuwe voorstel bij een inkomen van € 80.578 in plaats van € 78.426. Over de € 2.152 daartussen betaal je dan 38,16% in plaats van 49,50%: volgens een rekensom van Dagpeil maximaal ongeveer € 244 minder belasting. Daardoor neemt ook de algemene heffingskorting langzamer af.
De arbeidskorting gaat er € 133 op vooruit in plaats van de € 173 van Prinsjesdag. Het maximum wordt volgens een rekensom van Dagpeil ongeveer € 5.889 in plaats van € 5.929.
In dezelfde brief staat dat het heffingsvrij vermogen in box 3 in 2027 naar € 30.846 per persoon gaat. Ook dit zijn voorstellen. Ze moeten nog in een wijziging van het Belastingplan komen.
Wat zijn de belastingschijven voor 2027?
Het kabinet heeft ze op Prinsjesdag, 15 september 2026, voorgesteld. In de fiscale sleuteltabel 2027 bij de Prinsjesdagstukken staat als niveau voor 2027: een gecombineerd tarief in de eerste schijf van 36,23% (inkomstenbelasting plus premies volksverzekeringen) tot een inkomen van € 39.247, 38,16% in de tweede schijf tot € 78.426 en een toptarief van 49,50%. Voor wie vóór 1946 is geboren, loopt de eerste schijf tot € 41.637.
Vergeleken met 2026 gaan de tarieven in de eerste en tweede schijf omhoog, van 35,75% en 37,56%. De grens van de eerste schijf schuift op van € 38.883 naar € 39.247. De grens waarboven het toptarief geldt, is in de tabel € 78.426: hetzelfde bedrag als in 2026. Op 29 september stelde het kabinet voor die grens te verhogen naar € 80.578. In maart rekende de Voorjaarsnota nog met 36,26% en 38,19%.
Het blijven voorstellen. De Tweede Kamer en de Eerste Kamer moeten het Belastingplan 2027 nog aannemen, en de bedragen die met de inflatie worden aangepast, komen in een ministeriële regeling. De sleuteltabel is bedoeld om budgettaire effecten te laten zien; voor bedragen die echt gelden kijk je straks in de tabellen van de Belastingdienst voor 2027.
Welke heffingskortingen noemt het Belastingplan 2027?
Volgens de fiscale sleuteltabel 2027 is de algemene heffingskorting in 2027 maximaal € 3.154; boven een inkomen van € 30.910 wordt ze kleiner. De arbeidskorting is maximaal € 5.929 en neemt boven een arbeidsinkomen van € 47.834 af met 6,51%. De ouderenkorting is maximaal € 1.993, de alleenstaande-ouderenkorting € 547 en de inkomensafhankelijke combinatiekorting maximaal € 2.918.
In box 3 noemt dezelfde tabel een tarief van 36% en een heffingsvrij vermogen van € 60.098. Ook dat zijn niveaus uit de voorstellen, geen bedragen die al gelden. Op 29 september stelde het kabinet voor het heffingsvrij vermogen in 2027 te verlagen naar € 30.846.
Welke tarieven gelden in 2026 in box 1?
Heb je in 2026 nog niet de AOW-leeftijd, dan betaal je in box 1 (werk en woning) 35,75% over het deel van je inkomen tot en met € 38.883, 37,56% over het deel van € 38.883 tot en met € 78.426 en 49,50% over het deel daarboven. Het tarief in de eerste schijf bestaat uit 8,10% inkomstenbelasting en 27,65% premie volksverzekeringen. Het maximale aftrekpercentage voor aftrekposten zoals de hypotheekrente beweegt mee met het tarief in de tweede schijf en is in 2026 37,56%.
Heb je in 2026 de AOW-leeftijd, dan betaal je geen AOW-premie meer en is het tarief in de eerste schijf 17,85%. Die schijf loopt tot en met € 38.883, of tot en met € 41.123 als je vóór 1946 bent geboren. In de tweede en derde schijf betaal je hetzelfde tarief als mensen onder de AOW-leeftijd: 37,56% en 49,50%. Bereik je in 2026 de AOW-leeftijd, dan geldt over de eerste schijf een aangepast tarief.
Hoe hoog zijn de algemene heffingskorting en de arbeidskorting in 2026?
Een heffingskorting verlaagt de belasting die je betaalt. De algemene heffingskorting is in 2026 maximaal € 3.115 bij een verzamelinkomen tot en met € 29.736, als je nog niet de AOW-leeftijd hebt. Boven dat inkomen wordt de korting kleiner; vanaf € 78.427 krijg je geen algemene heffingskorting meer. Heb je het hele jaar de AOW-leeftijd, dan is ze maximaal € 1.556.
Arbeidskorting krijg je als je inkomen uit werk hebt. Ze loopt eerst op met je arbeidsinkomen en is maximaal € 5.685 bij een arbeidsinkomen van € 45.592. Daarboven wordt ze kleiner; vanaf € 132.921 krijg je geen arbeidskorting meer. Voor wie het hele jaar de AOW-leeftijd heeft, is de arbeidskorting maximaal € 2.840. De inkomens waarop de eerste twee knikpunten in de opbouw liggen, zijn voor 2026 verlaagd.
Wat staat voor 2027 al in de wet, en wat is aangekondigd?
De zelfstandigenaftrek. In de Wet inkomstenbelasting 2001 staat al dat die per 1 januari 2027 € 900 is, voor een ondernemer die aan het urencriterium voldoet en bij het begin van het jaar de AOW-leeftijd nog niet heeft. In 2026 is de zelfstandigenaftrek € 1.200; sinds 2022 wordt hij stapsgewijs afgebouwd naar € 900 in 2027.
Niet in de wet, wel aangekondigd: volgens de voorlopige inhoud van het Belastingplan 2027 (juni 2026) wordt de startersaftrek per 1 januari 2027 verlaagd en per 1 januari 2028 volledig afgeschaft. De startersaftrek is een extra aftrekpost van maximaal € 2.123 voor wie korter dan vijf jaar ondernemer is (onder voorwaarden, maximaal drie jaar). Het wetsvoorstel Belastingplan 2027 van 15 september noemt de bedragen: per 1 januari 2027 gaat de startersaftrek van € 2.123 naar € 10, omdat direct afschaffen niet uitvoerbaar is, en per 1 januari 2028 vervalt hij. Er is geen overgangsrecht: ook wie bijvoorbeeld in 2025 is gestart, houdt in 2027 alleen € 10 over. In 2026 geldt de startersaftrek nog.
Ook de tarieftabel van box 1 in de wet verandert per 1 januari 2027 al door eerder aangenomen belastingplannen. In de wettekst zoals die per 1 januari 2027 luidt, is het percentage inkomstenbelasting in de eerste schijf 8,01% (in 2026: 8,10%) en het tarief in de tweede schijf 37,59% (in 2026: 37,56%). De grens waar het toptarief begint, gaat volgens het Belastingplan 2025 extra omhoog.
Dat zijn nog geen tarieven en schijfgrenzen voor 2027. Het tarief in de eerste schijf bestaat ook uit premie volksverzekeringen, de bedragen worden begin 2027 nog met de tabelcorrectiefactor aangepast – volgens de plannen maar gedeeltelijk – en het Belastingplan 2027 kan de wettekst nog veranderen.
Het kabinet heeft bovendien aangekondigd de tarieven in de eerste en tweede schijf per 2027 te verhogen. Volgens het CPB is dat bedoeld als compensatie voor lagere zorgpremies door het hogere eigen risico en andere zorgmaatregelen. In de fiscale sleuteltabel van de Voorjaarsnota 2026 staat als niveau voor 2027 36,26% in de eerste schijf (inclusief premies volksverzekeringen) en 38,19% in de tweede schijf. Dat waren ramingen uit maart. In de fiscale sleuteltabel bij het Belastingplan 2027 staan nu 36,23% en 38,16%.
Bij de inkomensafhankelijke combinatiekorting staat al in de wet dat het maximum per 1 januari 2027 lager wordt. Die heffingskorting kun je onder voorwaarden krijgen als je werkt en een kind jonger dan 12 jaar in je huishouden hebt. In 2026 is ze maximaal € 3.032. Hoeveel het maximum in 2027 is, is nog onbekend: de verlaging wordt pas toegepast nadat de bedragen voor 2027 met de inflatie zijn aangepast.
Bij de algemene heffingskorting en de arbeidskorting staat in de wettekst per 1 januari 2027 geen aangenomen wijziging. Een deel van die bedragen wordt begin 2027 met de tabelcorrectiefactor aangepast, en volgens de plannen maar gedeeltelijk. De grens waarboven de algemene heffingskorting afneemt en een deel van de inkomensgrenzen van de arbeidskorting zijn gekoppeld aan het wettelijk minimumloon (artikelen 10.6b en 10.7 van de Wet inkomstenbelasting 2001). Het Belastingplan 2027 kan ze nog veranderen.
Hoe komen de bedragen voor 2027 tot stand?
Bij het begin van ieder kalenderjaar worden de bedragen in de tarieftabel van box 1 en een deel van de bedragen van de algemene heffingskorting en de arbeidskorting vervangen. De nieuwe bedragen worden berekend met de tabelcorrectiefactor. Die factor is gebaseerd op de consumentenprijsindex (CPI) van het CBS.
Wat is de vrijheidsbijdrage en wat betekent die voor de schijven in 2027?
Voor 2026 is de inflatiecorrectie in de inkomstenbelasting maar voor 52,8% toegepast: 1,5312% in plaats van 2,9%. Daardoor val je eerder in een hogere schijf en krijg je minder heffingskorting dan bij een volledige inflatiecorrectie.
Ook voor 2027 en 2028 is een beperkte inflatiecorrectie aangekondigd. In een stuk voor de Tweede Kamer van 10 juni 2026, met de voorlopige inhoud van het Belastingplan 2027, staat dat de tabelcorrectiefactor, zoals aangekondigd in het coalitieakkoord, in 2027 en 2028 beperkt wordt toegepast. Het kabinet noemt dit de vrijheidsbijdrage. Volgens de doorrekening van het coalitieakkoord door het CPB (februari 2026) wordt de factor in 2027 voor 46,8% toegepast en in 2028 voor 12%; dat moet in 2027 1,5 miljard euro opleveren. De bedragen die daaruit volgen, staan als voorstel in het Belastingplan 2027. Het wetsvoorstel Belastingplan 2027 stelt nu voor de wettelijke inflatiecorrectie per 1 januari 2027 voor 48% toe te passen: zonder de maatregel zou die 2,6% zijn, met de maatregel wordt het 1,248%. Voor 2028 volgt het percentage uit een formule, afgestemd op een opbrengst van € 1,9 miljard.
Wat betekent dat voor jou? Bij een beperkte inflatiecorrectie stijgen de schijfgrenzen en heffingskortingen minder hard mee met de prijzen. Volgens het CPB betalen mensen daardoor meer belasting zonder dat de schijftarieven veranderen. In de Voorjaarsnota van maart schreef het kabinet dat de koopkracht in 2027 hetzelfde blijft, onder andere door de invoering van de vrijheidsbijdrage, en dat het tijdens de augustusbesluitvorming het definitieve koopkrachtbeeld van 2027 zou wegen. Het koopkrachtbeeld uit de Prinsjesdagstukken lees je in ons overzicht van Prinsjesdag 2026.
Wanneer weet je welke bedragen in 2027 gelden?
Op dinsdag 15 september 2026 publiceerde het kabinet het Belastingplan 2027. Sindsdien zijn er voorgestelde bedragen, maar nog geen definitieve. Vorig jaar schreef de Rijksoverheid bij het Belastingplan 2026: “Pas na akkoord van beide Kamers zijn de plannen definitief.” Daarna volgt publicatie in het Staatsblad.
Vorig jaar stemde de Tweede Kamer eind november en de Eerste Kamer half december. De bedragen die begin 2027 met de inflatiecorrectie worden aangepast, worden vastgelegd in een ministeriële regeling. Wij werken deze pagina opnieuw bij na de stemmingen en wanneer de bedragen voor 2027 vaststaan.
Verdieping
Hoe het vorig jaar ging: van Prinsjesdag naar Staatsblad
Het pakket Belastingplan 2026 werd op 16 september 2025 aan de Tweede Kamer aangeboden. De Tweede Kamer nam het wetsvoorstel aan op 27 november 2025 en de Eerste Kamer op 16 december 2025. De wet werd gepubliceerd in Staatsblad 2025, 444, uitgegeven op 23 december 2025, en trad met ingang van 1 januari 2026 in werking, met uitzonderingen voor een aantal onderdelen.
Het ministerie van Financiën schreef in december 2025 dat de wet pas in werking treedt als de Koning deze heeft goedgekeurd en de wet is gepubliceerd.
Verdieping
Een bedrag in een nieuwsbericht is nog geen tarieftabel
Op 16 september 2025 noemde de Rijksoverheid als bovengrens van de tweede schijf in 2026 nog € 79.137. In de tabellen van de Belastingdienst voor 2026 is die grens € 78.426. Een nieuwsbericht van de Rijksoverheid van december 2025 vermeldt bij dat bedrag dat het is “aangepast per 22-1-2026”. Kijk voor bedragen die echt gelden daarom naar de tabellen van de Belastingdienst.
De grens waarboven het toptarief geldt, ging van € 76.817 in 2025 naar € 78.426 in 2026. Bovenop de inflatiecorrectie werd die grens met € 432 extra verhoogd.
Verdieping
Waar komen de wijzigingen per 2027 in de wet vandaan?
Het Belastingplan 2025 (Staatsblad 2024, 434) regelt dat per 1 januari 2027 het eerste percentage in de tarieftabel met 0,11 procentpunt omlaag gaat, het tweede met 0,01 procentpunt omhoog en dat de grens van het toptarief met € 1.111 omhoog gaat. Dat bedrag van € 1.111 werd volgens dezelfde wet begin 2026 al met de inflatiecorrectie aangepast. Het Belastingplan 2024 (Staatsblad 2023, 499) verhoogt per 1 januari 2027 beide percentages met 0,02 procentpunt. Samen levert dat de 8,01% en 37,59% op die in de wettekst per 1 januari 2027 staan.
De tussenstappen voor 2026 uit beide wetten zijn geschrapt door het Belastingplan 2026. Voor de inkomensafhankelijke combinatiekorting noemde het Belastingplan 2024 een verlaging van het maximum met € 134 per 2027; dat bedrag wordt tot en met 2027 ieder jaar zelf met de inflatie aangepast, en de verlaging wordt pas toegepast na de inflatiecorrectie voor 2027.
Verdieping
Welke CPI-cijfers tellen mee voor 2027?
De tabelcorrectiefactor vergelijkt het gemiddelde van de prijsindexcijfers van de achttiende tot en met de zevende maand vóór het kalenderjaar met dat van de dertigste tot en met de negentiende maand ervoor. Voor 2027 is de zevende maand vóór het kalenderjaar juni 2026. Dat leiden wij af uit de wettekst. De inflatiecijfers van juli en augustus 2026 tellen dus niet mee voor de factor van 2027.
We rekenen de factor voor 2027 hier bewust niet uit. De wet noemt ook een uitzondering voor een van de bedragen in de tarieftabel, en volgens de plannen wordt de factor in 2027 maar gedeeltelijk toegepast (volgens het wetsvoorstel Belastingplan 2027 voor 48%). Een eigen berekening zou dus een schatting zijn, geen vastgesteld bedrag.
Verdieping
Ter vergelijking: 2025
In 2025 liep de eerste schijf tot € 38.441 en begon het toptarief boven € 76.817. Het tarief in de eerste schijf was 35,82% (onder de AOW-leeftijd) en in de tweede schijf 37,48%.
Verdieping
Verwante dossiers op Dagpeil
Wat er op Prinsjesdag precies wordt gepubliceerd en hoe je een voorstel van een besluit onderscheidt, lees je in ons dossier over Prinsjesdag 2026. De tabelcorrectiefactor volgt de consumentenprijsindex; in ons dossier over de inflatie in augustus 2026 lees je hoe CBS die meet. Het augustuscijfer valt buiten de periode die voor 2027 telt.
Ook andere bedragen voor 2027 hangen af van stukken rond Prinsjesdag, zoals het eigen risico van je zorgverzekering. Dat hangt hier ook mee samen: volgens het CPB zijn de hogere tarieven in de eerste en tweede schijf bedoeld als compensatie voor lagere zorgpremies door het hogere eigen risico en andere zorgmaatregelen. En voor je huishoudbudget van 2027 volgen we de servicekosten bij huur.
Dit weten we
✓Box 1 in 2026 (onder AOW-leeftijd): 35,75% tot en met € 38.883, 37,56% tot en met € 78.426, 49,50% daarboven · geldt
✓Algemene heffingskorting 2026: maximaal € 3.115 · geldt
✓Arbeidskorting 2026: maximaal € 5.685 · geldt
✓Zelfstandigenaftrek per 1 januari 2027: € 900 · aangenomen
✓Maximum inkomensafhankelijke combinatiekorting gaat per 1 januari 2027 omlaag · aangenomen
✓Tarieftabel box 1 in de wettekst per 1 januari 2027: 8,01% inkomstenbelasting in de eerste schijf en 37,59% in de tweede schijf · aangenomen, maar het kabinet heeft een verhoging van de tarieven in de eerste en tweede schijf per 2027 aangekondigd
✓Vrijheidsbijdrage: inflatiecorrectie per 1 januari 2027 voor 48% toegepast (1,248% in plaats van 2,6%) · voorstel (wetsvoorstel Belastingplan 2027)
✓Startersaftrek per 1 januari 2027 van € 2.123 naar € 10, per 1 januari 2028 afgeschaft, zonder overgangsrecht · voorstel
✓Hogere tarieven in de eerste en tweede schijf per 2027 · voorstel (aangekondigd; de Voorjaarsnota 2026 rekent met 36,26% en 38,19% als niveau voor 2027)
✓Startersaftrek per 1 januari 2027 lager en per 1 januari 2028 afgeschaft · voorstel (aangekondigd in de voorlopige inhoud van het Belastingplan 2027)
✓Belastingplan 2027 gepubliceerd op 15 september 2026 · voorstel
✓Box 1 in 2027 volgens de fiscale sleuteltabel: 36,23% tot € 39.247, 38,16% tot € 78.426, 49,50% daarboven · voorstel
✓Algemene heffingskorting 2027 max. € 3.154, arbeidskorting max. € 5.929 volgens de fiscale sleuteltabel · voorstel
✓Kabinetsbrief 29 september 2026: toptarief vanaf € 80.578 in plaats van € 78.426, arbeidskorting + € 133 in plaats van € 173 · voorstel
Dit weten we nog niet
?Of beide Kamers de voorgestelde tarieven en heffingskortingen voor 2027 ongewijzigd aannemen · nog onbekend
?De definitieve geïndexeerde bedragen voor 2027 in de ministeriële regeling · nog onbekend
?Hoeveel procent van de inflatiecorrectie in 2028 wordt toegepast · nog onbekend (volgt uit een formule in het wetsvoorstel)
Wat veranderde wanneer?
Pakket Belastingplan 2026 aangeboden aan de Tweede Kamer
Tweede Kamer neemt Belastingplan 2026 aan
Eerste Kamer neemt Belastingplan 2026 aan
Belastingplan 2026 gepubliceerd in Staatsblad 2025, 444
Tarieven en heffingskortingen 2026 gaan in (geldt)
Budgettaire tabel bij het coalitieakkoord: vrijheidsbijdrage via een beperkte tabelcorrectiefactor in 2027 en 2028 (plan)
Voorjaarsnota 2026: het kabinet rekent met de vrijheidsbijdrage en met hogere tarieven in de eerste en tweede schijf (ramingen)
Stuk voor de Tweede Kamer met voorlopige inhoud Belastingplan 2027: beperkte tabelcorrectiefactor en verlaging startersaftrek aangekondigd
Prinsjesdag: Belastingplan 2027 gepubliceerd; de fiscale sleuteltabel noemt 36,23%, 38,16% en 49,50% voor 2027 (voorstel)
Ingangsdatum van de aangenomen wijzigingen, zoals de zelfstandigenaftrek van € 900; meeste maatregelen Belastingplan 2027 als beide Kamers akkoord gaan
Dit was het belangrijkste
Je weet wat nu telt en wanneer je opnieuw moet kijken.
Dagpeil werkt dit dossier bij als de informatie verandert. Wijzigingen staan in het revisielog, zodat je ziet wat er is aangepast.
Verder met dit onderwerp
Lees hierna: Prinsjesdag 2026: wat verandert er in 2027 voor jou? Alle plannen op een rij
Alle plannen van Prinsjesdag 2026 voor huishoudens op een rij.
Jouw oordeel
Heeft dit je geholpen?
Je antwoord blijft alleen in deze browser en wordt niet verstuurd.Lees je Dagpeil vaker? Kies Dagpeil als voorkeursbron in Google. Dan toont Google onze verhalen vaker bij Topverhalen.